zondag 22 oktober 2017

thanatica


al maanden was de hemel zwaar,
er vloog geen vogel in de lucht
geen wolk bewoog, geen wind, geen zucht,
alleen de murmelingen van gevaar,
een lied van angst, ‘thanatica’

een bode op een dampend paard
verhaalde van een vreemde stad
waar men verderf en dood aanbad,
wier heerser heerste met de kling van ’t zwaard,
de vreemde stad thanatica

steeds groter werd het droef gebied
waar vlammen vraten aan het aardse goed
waar vlaggen dansten, rood als bloed
en niemand dacht ‘dat komt hier niet’
de adem van thanatica

zij zonden hun militie, broer en zoon
voor ’t ongewenst maar nodig werk
en voller was nog nooit hun kerk
want krijg was geen traditie, ongewoon
zo anders dan thanatica

na weken pas bewoog de wind
en kozen wolken weer hun pad
de burgers klommen op de muren van de stad
voor ’t eerste glimpen van hun kind
dat t’rug reed uit thanatica

en dan, de goede dag,
daar reden zij op ’t dampend paard
met butsen in hun helm en zwaard
en de gescheurde vlag
van d’ wrede stad thanatica

een moeder sprak
‘zijn vel is gaaf,
geen vijand die hem schond’
een vader zweeg
want hij zag onderhuids
de diepe wond,
gesneden door thanatica

© ton de gruijter 

4 opmerkingen: