maandag 28 mei 2018

de droogdrinkers


’t was warm, ’t was warm,
aan ’t einde van de zomerdag
’t was of de hitte als een deken lag
en om de slaap nog niet te vatten
greep men instrumenten beet
en zong van lief, van leed

en verder kroop de temp’ratuur omhoog,
men dronk de kelen nat,
de vaten droog

en één,
(hoe zou men hem bezien,
een zonderling, een ziener
of de spreker van de zedenpreek)
hij zag dat steeds meer niet was wat het leek

hij preveld’ een gebed en dacht
bij ’t horen van het loos gesnater
‘wanneer komt hier nog eens een godenzoon
die wijn verand’ren kan in water?’

© ton de gruijter 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten